Nieuws & Agenda > Nieuws > Het gebruik van de naam ‘university’

Het gebruik van de naam ‘university’

7-4-2010

Eind januari 2010 heeft onderzoeksbureau Sardes haar rapport opgeleverd waarin verslag wordt gedaan van een internationale vergelijking naar de bescherming van instellingsnamen (universiteit, university en hogeschool) en graden en titels. Dit onderzoek werd uitgevoerd naar aanleiding van een verzoek in de Tweede Kamer, in juni 2009. In haar brief van 6 april 2010 heeft de staatssecretaris van OCW, Mw. Van Bijsterveldt, aan de Tweede Kamer aangegeven de adviezen uit het onderzoeksrapport te willen overnemen. In het kort gaat het om haar voornemen om vanuit de overheid bescherming te bieden aan:
- het gebruik van de instituutsnamen universiteit, university en hogeschool
- het verstrekken van beschermde graden
- het onbevoegd voeren van beschermde titels door personen.

Het eerste punt raakt Via Vinci University, aangezien we uit het rapport mogen opmaken dat er waarschijnlijk door wet- en regelgeving zal worden bepaald dat door of namens de overheid goedkeuring moet worden verleend aan een instituut dat zich van zo’n naam bedient.
Aangezien wij vanaf de start van ons instituut gebruik maken van de mogelijkheid die de wet biedt om ons ‘university’ te noemen, hetgeen wij tot wederzijdse tevredenheid met twee opeenvolgende onderwijsministers hebben afgestemd, zet zo’n maatregel ons aan tot kiezen uit twee opties:
- het aanvragen van goedkeuring van het naamgebruik door het ministerie;
- stoppen met het gebruik van deze naam; op zich weinig mis mee: we maken toch al steeds meer gebruik van de namen van onze afdelingen: Via Vinci Academy, Via Vinci Research, Via Vinci Development.

Het bestuur van Via Vinci University heeft vanaf eind 2006 aan het ministerie van OCW aangegeven een overheidserkenning te willen verwerven. Tot voor kort was het niet mogelijk om daar verdere stappen in te zetten, omdat het ministerie beleid ontwikkeld had om geen erkenning meer te geven aan instellingen, maar keurmerken te verlangen van opleidingen. Het standpunt was: de kenniseconomie is een vrije markt, en daarin zijn organisaties vrij om hoger onderwijs aan te bieden, maar iedere opleiding die gericht is op het verwerven van een graad moet goedgekeurd worden.
Door het standpunt van de staatssecretaris ziet Via Vinci opnieuw mogelijkheden om als nieuwe speler op deze markt een erkenning van overheidswege te verwerven. En daar zijn we verheugd over! Wij zullen ons melden voor zo’n toetsing als we de procedures en verdere uitwerkingen kennen.

Onze doelgroep, professionals die werk en opleiding met elkaar willen combineren, heeft overigens in ruime meerderheid aangegeven dat het voor hen weinig uitmaakt of we achter onze geregistreerde handelsnaam Via Vinci de toevoeging ‘university’, ‘academy’, ‘business school’ o.i.d. zetten. Het gaat hen erom dat het diploma erkend wordt en dat de opleiding kwaliteit biedt.
Om de eerste reden, de waarde van de diploma’s, heeft Via Vinci haar post-HBO opleidingen door de Stichting post-HBO laten certificeren. Naast allerlei andere keurmerken van gerenommeerde instanties als Cedeo en NSA biedt deze certificering al vele jaren de erkenning die door de doelgroep gevraagd wordt. Het ministerie van OCW heeft – langs de weg van het CFI – ook haar erkenning verleend aan de kwaliteit van deze opleidingen, aangezien onze studenten al vele jaren in aanmerking komen voor de ‘lerarenbeurs’.
Om diezelfde reden heeft Via Vinci twee nieuwe experimentele masteropleidingen vrijwillig – zonder dat daarvoor een noodzaak bestond – voorbereid op accreditatie door de NVAO, welke we verwachten in 2010 te behalen.
Tenslotte, om dezelfde reden dat we veel waarde hechten aan de erkenning van diploma’s, werken we graag samen met partners in het hoger onderwijs, in binnen- en buitenland, waardoor beschermde graden rechtsgeldig behaald kunnen worden.
Binnen onze afdeling Via Vinci Academy wordt daarom uitermate zorgvuldig gestreefd naar onafhankelijke toetsing van onze opleidingen. Wat ons betreft mag de overheid dat eisen van iedere aanbieder van hoger onderwijs !

Zoals gezegd geven onze studenten aan dat – naast de erkenning van diploma’s – veel waarde wordt gehecht aan de kwaliteit van de opleiding. Zij verstaan daaronder; afgestemd op de wensen en eisen van henzelf en van hun arbeidsorganisatie. En daarnaast actueel, modern en wetenschappelijk solide verantwoord. Via Vinci heeft daarvoor een eigen opleidingsconcept ontwikkeld, Creation Based Learning, waarvoor erg veel waardering van studenten en opdrachtgevers is. In het rapport van Sardes, noch in de brief van de staatssecretaris, wordt gerept over de kwaliteitstoetsing van opleidingen. Rapport en brief gaan er vanuit dat overheidserkenning van instituten het belang dient van de consument. Jammer genoeg wordt daarbij geheel voorbij gegaan aan het gegeven dat iedere Nederlander weet, namelijk dat op erkende universiteiten en hogescholen, meestal met gebruik van overheidsgelden, nogal wat opleidingen onder de maat presteren. De NVAO keurt niet voor niets regelmatig opleidingen af en de onderwijsinspectie spreekt regelmatig het oordeel ‘zeer zwak’ uit.
Dat bewijst dat erkenning van een universiteit of hogeschool geen garantie is voor een goed niveau. Er is hier sprake van misleiding van het grote publiek: men neemt een opleiding af aan een erkend instituut in de – terechte – verwachting dat de kwaliteit dan goed is; immers: de overheid ziet toe op het instituut en bekostigt deze. Als dan blijkt dat het niveau onder de maat is, zich bijvoorbeeld uitend in de enorme uitstroom van studenten die ontevreden zijn over het geboden product, is er sprake van een fenomenale kapitaalvernietiging van overheidsgelden.
Het enkele jaren geleden ingezette beleid van de overheid, om alleen nog op opleidingsniveau regelmatig te toetsen, biedt een veel beter handvat om de kwaliteit te waarborgen.
Via Vinci roept hierbij de politiek op om de discussie over kwaliteit en transparantie in het hoger onderwijs breder te voeren en hierbij met name de kwaliteit van iedere opleiding centraal te stellen.

Vanaf 6 april hebben wij veel media-aandacht gekregen. Logisch, want we hebben in 2009 een stevig standpunt ingenomen en we voelden ons gesterkt door twee opeenvolgende onderwijsministers. Wij ontvingen de bevestiging dat er veel ruimte is voor ondernemerschap in het onderwijs en dus ook voor private instellingen als Via Vinci University. We hebben ieder moment benut om uit te leggen wie we zijn, voor welke kwaliteit we staan, welke kwaliteitserkenningen we al verworven hebben en waar we naartoe willen.

Ook nu doen we graag mee aan het publieke debat. Voor wie deze notitie te lang is: het gaat ons om kwaliteit. Daarom zijn we het eens met de mening van de staatssecretaris dat de overheid kritisch moet toezien op instellingen voor hoger onderwijs. Maar voor ons gaat dat niet ver genoeg en is het onjuist om te menen dat de kwaliteit van het onderwijs erop vooruit gaat als er keurmerken aan onderwijsinstellingen worden gegeven die niet verder gaan dan ‘erkenning’: in onze ogen moet iedere opleiding kwalitatief worden beoordeeld en op grond daarvan kunnen instellingen zich profileren. Wat ons betreft mag het kaf van het koren worden gescheiden, maar dan wel over de volle lijn van het hoger onderwijs…

Peter Peene
Bestuurder Via Vinci University

 


Via Vinci University zal haar naam wijzigen in Academy

BREDA - De Via Vinci University in Breda zal haar naam wijzigen in 'Academy' als de wet dat voorschrijft. Dat zegt bestuursvoorzitter Peter Peene in reactie op de plannen van demissionair staatssecretaris Marja van Bijsterveldt (Onderwijs).

Klik verder voor het gehele artikel op de website van BN De Stem...



Via Vinci University
T +31 (0) 76 541 61 11
E info@viavinci.com

Agenda

NSAIASPphbo